Symptomen
De verschijnselen beginnen meestal 2 tot 7 dagen na besmetting, soms tot 2 weken later. Bij een kitten ouder dan 3 tot 4 weken of een volwassen kat zie je eerst:
- sloomheid, koorts en geen eetlust;
- daarna misselijkheid (kwijlen, smakken), braken en diarree, soms met bloed;
- snel uitdrogen en steeds slapper worden.
Het virus tast ook het beenmerg aan, waardoor de kat te weinig witte bloedcellen krijgt en vatbaar wordt voor andere infecties. Kittens gaan soms plotseling dood zonder eerst ziek te lijken. Wordt een kitten besmet in de baarmoeder of in zijn eerste levensmaand, dan kan hij blijvende hersenschade krijgen met moeite met staan en lopen.
Denk je aan kattenziekte? Ga direct naar de dierenarts en houd je kat apart van andere katten.
Hoe raakt een kat besmet?
Een zieke kat scheidt grote hoeveelheden virus uit in ontlasting en braaksel, vaak al voordat hij ziek lijkt. Het virus kan maandenlang in de omgeving overleven en is bestand tegen veel schoonmaakmiddelen. Besmetting gaat direct van kat op kat, maar ook via voerbakjes, borstels, krabpalen, mandjes, schoenzolen, kleding en handen. Daardoor kan ook een kat die nooit buiten komt kattenziekte krijgen.
Kattenziekte komt het vaakst voor bij kittens. In asielen zijn er volgens het LICG elk jaar meerdere uitbraken, omdat daar veel katten met een onbekende vaccinatiegeschiedenis bij elkaar zitten.
Kat en hond
Het parvovirus van katten en dat van honden lijken op elkaar. Volgens het LICG kunnen honden en katten tegenwoordig ziek worden van elkaars parvovirus. Inenten is daarom voor beide belangrijk.
Behandeling
De dierenarts stelt de diagnose met onderzoek van de ontlasting en het bloed. Een kat met kattenziekte heeft intensieve zorg nodig, in isolatie: een infuus, antibiotica tegen bijkomende infecties, pijnstilling, middelen tegen misselijkheid en zo nodig sondevoeding. Zelfs dan overleeft een groot deel van de katten het niet.
Voorkomen: inenten
Inenten tegen kattenziekte hoort bij de basisinentingen van elke kat. Volgens het LICG werken de vaccins heel goed en beschermen ze snel. Een kitten krijgt drie inentingen, op 8 à 9, 12 en 16 weken. Bekijk het hele schema op kitten inenten. Lees ook over niesziekte, de andere basisinenting.